6. nov, 2015

1542

In het jaar 1542 neemt Paulus III twee belangrijke besluiten die de kerk voor vele eeuwen zouden beïnvloeden. Enerzijds beslist hij een concilie samen te roepen dat de geschiedenis zou ingaan als het concilie van Trente. Anderzijds richt hij de Romeinse inquisitie op, dat tot in de twintigste eeuw bekend zou staan als het Sant’Ufficio.

Bij gratie van de pauselijke bul Licet ab initio van 21 juli 1542 ziet de Congregatie van de Heilige Romeinse en Universele Inquisitie het levenslicht. De eerste voorzitter en daarmee de eerste Grootinquisiteur van deze doorluchtige rechtbank was Giovanni Pietro Carafa, de kardinaal van Napels.

Ik zei al dat we de naam Carafa moesten onthouden. Deze Giovanni Pietro is een sinistere figuur die er in de jaren dat hij groot-inquisiteur was een spionagenetwerk op na hield. Zodoende kon hij over iedereen die een rol van betekenis in het Rome van het midden van de zestiende eeuw speelde, dossiers kon aanleggen, die hij desgewenst aanwendde om politieke invloed uit te oefenen.